• Thema Thema: Hoe kan je samenwerken?, Met collega’s & partners , Hoe werk je aan professionele groei? , Competenties, Doelgericht werken en Coaching
  • Duurtijd Duurtijd: 160- 180min
  • Media Media: Werkvorm en reflectie-instrument, Kennis & informatie en Multimedia

‘Hoe kijk je als school naar inclusie, diversiteit en samenwerking? Hoe deel je kennis, inzichten en ervaringen voor een inclusieve klaspraktijk met collega’s? Hoe haal je daar inspiratie uit om als team samen verder naar inclusie te groeien?’

  • Bijeenkomst (kern)team in een traject van professionele ontwikkeling
  • Gericht op focus C (verbreding en verankering)- verderbouwend op focus A (Doel en realiteit) en B (Hulpbronnen en acties)

DOELEN

  • Je bespreekt hoe je als school kijkt naar inclusie, diversiteit en samenwerking en expliciteert samen met je team wat dat kan betekenen voor je visie.
  • Je deelt kennis, inzichten en ervaringen met collega’s die doelen en acties hebben gerealiseerd in functie van een inclusieve klaspraktijk.
  • Je concretiseert welke inspiratie je daaruit haalt en welk potentieel je ziet om als team samen verder te groeien naar inclusie.

WERKWIJZE

Tijdens het uitwisselmoment met het bredere schoolteam delen we kennis, inzichten en ervaringen vanuit een aantal gerealiseerde doelen en acties die zich richten op een inclusieve klaspraktijk.

Daarbij vragen en geven we elkaar wederzijds feedback. Die benutten we om samen sterker te worden als team en om verdere leerkansen en acties te bedenken om te groeien als inclusieve school.

De doelstellingen van deze bijeenkomst passen in een professionaliseringstraject gericht op inclusieve leeromgevingen om kwaliteitsvol onderwijs mogelijk te maken voor alle leerlingen, ongeacht hun mogelijkheden of beperkingen, etniciteit, sociale afkomst, taal, gender, religie,... Diversiteit waarderen en benutten en verbindend samenwerken vormen daarbij twee belangrijke hefbomen.

De bijeenkomst bestaat uit drie mogelijke delen of bouwstenen, die zich elk op één van die doelstellingen richten. Deel 1 en 3 van dit uitwisselmoment kan je in principe inbouwen op om het even welk moment waarop je met je schoolteam of breder team samenkomt. Om tot optimale kennisdeling en ervaringsuitwisseling te komen, volgt dit uitwisselmoment ideaal gezien op andere bijeenkomsten of werkvormen waarin leerkrachten samen kennis en ervaringen hebben uitgewisseld in functie van een inclusieve klaspraktijk. Vooral deel 2 is daarop gericht. Je stelt dat deel dus best uit of past het aan als er in je team vooraf nog geen kennis of ervaringen gericht op een inclusieve klaspraktijk zijn uitgewisseld.

Voor dit uitwisselmoment is er een ontwerppresentatie ontwikkeld (zie downloadbaar materiaal). In de notitiepagina’s onderaan staat telkens aangegeven welke slides je volgens de ontwerpers en scholen van Potential kan uitkiezen als basisslides en welke eerder uitbreidingsslides vormen. De presentatie is bewust een ontwerppresentatie. We zien ze dus louter als hulpbron om aan te passen aan de stijl van het (kern)team en de cultuur van de school. Slides schrappen, bewerken en eigen slides toevoegen is dus de bedoeling.

1. Spring-in-‘t-veld voor inclusie: samen de hoogte in

  • Welkom, doelbepaling, visieverkenning

De directie of een collega van het team heet alle collega’s welkom. Deze persoon of een collega van het (kern)team schetst ook de doelen van het professionaliseringstraject (inclusieve leeromgevingen creëren, diversiteit waarderen en benutten, verbindend samenwerken) en situeert ze in ons eigen traject van professionele ontwikkeling. We concretiseren welke betekenis deze doelen hebben voor de praktijk in onze schoolcontext. We geven aan dat we willen stilstaan bij onze visieontwikkeling: waar staan we voor en wat willen we realiseren op gebied van diversiteit waarderen en benutten en verbindend samenwerken?

  • Als ons team dat graag heeft, starten we met een ijsbreker. Daarvoor kunnen we eventueel inspiratie halen uit de werkvorm ‘Verkenner’ of andere werkvormen van het professionaliseringstraject.
  • Als het team al voldoende momenten aan visieontwikkeling rond diversiteit en inclusie gewerkt heeft en we schatten in dat onze collega’s helder voor ogen hebben wat een inclusieve leeromgeving, diversiteit en verbindende samenwerking concreet betekenen voor hun klaspraktijk, kunnen we dit deel eventueel beperken tot de essentie, namelijk de doelen scherp stellen. In de ontwerppresentatie zijn die doelen weergegeven op de basisslides.
  • Als we willen inzetten op gezamenlijke visieontwikkeling, nemen we voor dit deel best voldoende tijd. De ontwerppresentatie bevat een aantal uitbreidingsslides met de hieronder gesuggereerde mogelijkheden.

Om samen met de collega’s na te denken over onze visie op inclusie, diversiteit en samenwerking, kunnen we aan de slag met een filmpje, de inclusieve bril en/of cartoons uit de werkvorm ‘Brainstorm: wat kleurt onze kijk op inclusie?’  (cfr. de bijeenkomst ‘Van realiteit naar doel’).

We kunnen ook werken met een aantal stellingen, quotes of oneliners die we vaak horen als het over inclusie gaat. In hoeverre maken wij die echt waar? Hoe concretiseren wij die algemene principes in onze schoolcontext? Wat betekenen ze voor ons?

  • Iedereen is van harte welkom op onze school.
  • Onze school verzet zich tegen iedere vorm van discriminatie.
  • Op onze school delen we de mening dat het normale of gemiddelde kind niet bestaat.
  • Op onze school is er een sterk partnerschap tussen alle collega’s, leerlingen en ouders.
  • Op onze school gaat iedereen respectvol met elkaar om, ongeacht hun rol en positie op school.

Hoe kijken wij naar inclusie in onze school? Hoe inclusief kleuren wij onze bril in?

  • Geef op een schaal van 0 tot 10 aan in welke mate de stelling klopt voor onze school en we dit als school effectief waarmaken. Illustreer waaraan je dat kan zien.
  • Welke stelling past écht bij onze school? Of bedenken we zelf een betere ‘quote’ over hoe wij inclusie en diversiteit zien? Illustreer de quote met een aantal voorbeelden.
  • Ofwel denken we met zijn allen samen na over de quotes. Eventueel kunnen we daarbij één of andere werkvorm zoals ‘Mentimeter’ of ‘Padlet’ benutten om onze gedachten te visualiseren en vast te zetten. We kunnen de collega’s uitnodigen om hierbij van gedachten te wisselen met één of twee buren die naast hen zitten.
  • Ofwel werken we in kleinere groepjes van vier tot acht collega’s. In elk groepje kan eventueel een (kern)teamlid en/of een kritische vriend het gesprek op gang brengen, ondersteunen en zorgen dat ideeën en voorbeelden genoteerd worden.

 

  • Competentieontwikkeling

Als we weten wat we beogen met diversiteit en samenwerken in een inclusieve leeromgeving, kunnen we kijken naar de competenties die we ervoor nodig hebben. Want inclusie klinkt mooi, maar hoe maken we het als leerkracht waar? We vertrekken daarbij van de vijf essentiële competenties voor inclusie. Die staan in de basisslides van de ontwerppresentatie. Ze zijn vrij algemeen geformuleerd. Hoe zie je concreet of een leerkracht die competenties heeft? In de groeibundel staan een aantal deelcompetenties en voorbeelden.

Met de werkvorm competentieloep kunnen we onze sterktes en uitdagingen inschatten en bepalen wat wij willen leren, wat onze leervraag of doel kan zijn. Eventueel kunnen we bij die reflectie de richtvragen uit de (eerste bladzijden van) de groeibundel als hulpmiddel gebruiken.

  • Iedereen kan zijn competenties individueel onder de loep nemen.
  • Daarna(ast) kunnen we erover in dialoog gaan met elkaar, bijvoorbeeld in duo’s/trio’s of in andere kleine groepjes.

Om met elkaar in dialoog te gaan,  kunnen we de werkvorm waarderend interview doen per twee (cfr. de bijeenkomst ‘Van realiteit naar doel’). Die vertrekt van een waarderende benadering en richt onze aandacht op aanwezige sterktes, op wat ons al lukt. Van daaruit kunnen we samen nadenken over eigen sterktes en uitdagingen in de praktijk. Dit vraagt iets meer tijd dan individueel reflecteren, maar het biedt een interessante opstap om van elkaar te leren.

Om verder na te denken over onze competenties gericht op diversiteit waarderen en benutten kunnen we aan de slag met de werkvorm ‘Top vijf’. Die sluit aan bij het wetenschappelijk inzicht dat leerkrachten die diversiteit goed opmerken en kunnen beargumenteren wat ze doen om diversiteit te waarderen en benutten, zich sterker voelen in. Vanuit dat idee heeft het onderzoek van Potential een brede groep onderwijsprofessionals bevraagd: lerarenopleiders, pedagogisch begeleiders, ervaren leerkrachten en onderwijsonderzoekers. Zij bekeken en vergeleken een aantal videoclips van Vlaamse klassituaties en argumenteerden waarom ze vonden dat bepaalde leerkrachten in hun handelen meer of minder bijdragen aan een inclusieve leeromgeving. Zo ontstond een lijst van wat we leerkrachten zoal zien doen om de diversiteit in de groep op te merken en om erop in te spelen. In de ontwerppresentatie vind je twee deelaspecten: wat kan een leerkracht enerzijds inzetten op vlak van interacties met leerlingen en anderzijds op vlak van werkvormen en aanpak? In kleine groepjes maken we op basis daarvan onze eigen top vijf. Daarover wisselen we van gedachten aan de hand van de volgende richtvragen.

  • Wat zetten wij in onze klassen in? Welke aspecten vinden wij daarbij het belangrijkst?
  • De ontwerppresentatie (zie Materiaal) toont een top vijf vanuit het Potentialonderzoek in 56 schoolteams (32 basis- en 24 secundaire scholen). In welke mate herkennen we ons in die argumenten?
  • Welke argumenten benadrukken wij meer en vinden wij belangrijk vor onze leerlingen, in onze schoolcontext? Wat speelt daarbij mee?
  • Welke argumenten benadrukken andere schlen blijkbaar meer? In welke mate zouden wij daar ook meer op willen inzetten?

Om na te denken over onze competenties gericht op verbindend samenwerken met diverse partners, kunnen we de werkvorm ‘Sociaal netwerk in kaart’ benutten (cfr. de bijeenkomst ‘Op zoek naar kennis en andere hulpbronnen’). Dat collega’s en andere partners’ een belangrijke hulpbron kunnen zijn om inclusieve leeromgevingen te creëren, bleek ook bij focus B (Hulpbronnen en acties). Uit onderzoek blijkt daarbij dat vier dimensies belangrijk zijn om in een sociaal netwerk tot effectief leren van elkaar te komen:

  • weten wat de andere weet (elkaars sterktes, expertise en talenten kennen),
  • toegankelijkheid (toegankelijk zijn voor elkaar),
  • vertrouwen en
  • engagement/betrokkenheid.

Eén van de volgende werkvormen kunnen we benutten om hier met het hele team aan te werken:

  • Om effectief te kunnen samenwerken als team, is het kennen van elkaar sterktes en talenten een belangrijke voorwaarde. De talentenkaart helpt daar zicht op krijgen, zodat we beter weten ‘weet wat de andere weet en kan’. Iedereen kan een individuele talentenkaart invullen. We kunnen er ook over uitwisselen per twee of drie, aan de hand van de volgende richtvragen:
    • Welke talenten van je cllega kende je nog niet?
    • Welke talenten vergat je cllega te vermelden? Vul elkaars talentenkaart in of aan.
    • Op welke talenten van je collega doe je soms een beroep?
    • Op welke talenten van je collega zou je vaker een beroep willen doen?
  • Op de website van de talentenkaart staat er ook een lijst met talenten die helpt om er meer woordenschat voor te krijgen en een talentenposter waarop we de talenten van alle collega’s van het team overzichtelijk kunnen samenbrengen.
  • Om samen na te denken over ons schoolnetwerk en hoe we dit kunnen versterken, is er ook het spel SPINit. Aan de hand van reflectie- en casusvragen, doe-opdrachten en het delen van ervaringen dragen we daarmee bij aan een collegiale sfeer en krijgen we zicht op de expertise in onze school. Alle informatie, spelregels en spelmateriaal staan op de website. Op basis van onze eigen noden en doelen kunnen we een selectie maken uit de vragen en doe-opdrachten

2. Kennis en ervaringen delen: een springplank

  • Leerweg in beeld

Hoe delen we onze kennis en ervaringen gericht op de competenties voor inclusie vanuit eerdere bijeenkomsten met onze collega’s van het bredere schoolteam? Hoe wordt onze leerweg in de praktijk een springplank voor onze collega’s om samen naar inclusie toe te groeien? We vertellen aan elkaar wat wij in de praktijk al geleerd hebben op basis van onze eigen doelen en acties gericht op inclusieve leeromgevingen.

  • Wat was mijn/ons doel?
  • Wat waren mijn/onze acties?
  • Wat heb ik/ hebben we geleerd? Hoe ben ik/ zijn we gegroeid als inclusieve leerkracht?

Als er een bijeenkomst ‘Verdieping en verbreding’ met een (kern)team voorafging, kunnen we hier delen wat we bij de deelronde ‘leerweg in beeld’ verzamelden.

  • Het kernteam kan de eigen inzichten en ervaringen gezamenlijk naar voor brengen aan de hele groep.
  • Kernteamleden kunnen elk om beurt eventueel ook individueel of per duo/trio iets vertellen of tonen over wat zij wilden bereiken, deden en leerden.

Vond er vooraf geen bijeenkomst ‘Verdieping en verbreding’ plaats, dan kunnen we de metafoor van de schoenen uit die deelronde eventueel hier benutten (zie Materiaal). We kunnen ook een eigen beeld, één of enkele woorden, zinnen of beelden zoeken om met elkaar te delen wat dat betekent voor diversiteit waarderen en benutten en verbindend samenwerken gericht op inclusieve leeromgevingen in onze eigen praktijk. 

  • Hulpbronnen voor inclusie: een GPS

Als er in ons professionaliseringstraject al eerdere bijeenkomsten plaatsvonden met een (kern)team, kunnen we van daaruit één of meer hulpbronnen voorstellen die we inspirerend vinden voor het bredere schoolteam. Ook als er geen eerdere bijeenkomsten waren, kunnen we één of meer hulpbronnen en werkvormen uitkiezen die ons inspirerend lijken.

Werken in kleinere (deel)groepen helpt om in te spelen op de diversiteit onder de collega’s en de verschillen in ieders leervragen, doelen en noden. Daarbij kan er bijvoorbeeld een doorschuif zijn waarbij collega’s in kleinere groepjes langsgaan bij de kernteamleden, die zich dan verspreiden over verschillende hoeken en/of lokalen. Het werkt motiverend als iedereen in aansluiting bij de eigen sterktes en uitdagingen kan kiezen welke hoeken/lokalen hij of zij wil verkennen. In de ontwerppresentatie vind je een aantal mogelijkheden uitgewerkt voor verschillende hoeken:

  • Kennishoek
  • Samenwerkingshoek
  • Talentenhoek
  • Actieplanningshoek
  • Tentoonstellingshoek
  • Beeldhoek
  • Breedhoek op leerlingen en ouders

3. Samen sterker als team

  • Van reflectie naar actie

We bedenken hoe we samen sterker kunnen worden in onze ‘power to teach all’ door inclusieve leeromgevingen te creëren, diversiteit te waarderen en benutten en verbindend samen te werken. Daarbij stimuleren we collega’s om met inzichten of ervaringen uit dit uitwisselmoment aan de slag te gaan in hun klaspraktijk. Zo verbreden we onze doelen en acties naar het hele team. We nodigen de collega’s dus uit om aan te geven wat zij uit de uitwisseling leren en wat zij willen doen in hun klaspraktijk. De ontwerppresentatie bevat de volgende richtvragen om collega’s aan te moedigen tot een kleine stap of actie in hun eigen context. Daarbij vertrekken we van ‘idea keepers’ en trachten we ‘idea killers’ achterwege te laten, cfr. de posters.

  • Wat is de winst van de uitwisseling voor jou? Wat is het meest waardevolle idee dat je meeneemt naar je eigen praktijk?
  • Welke (kleine) stap wil jij na vandaag zetten om je doel te bereiken?
  • Wie of wat kan jou daarbij helpen of ondersteunen?

De groeibundel moedigt aan om de ideeën voor eigen acties in de klas- en schoolpraktijk ook te noteren. Dat helpt om acties effectief uit te voeren, samen op te volgen, elkaar te ondersteunen bij de implementatie en expertise nadien ook verder te delen.

Als we meer tijd nemen kunnen we ieders eigen doel en actieplan ook verder concretiseren via de werkvorm ‘Design studio: doel in het vizier’  (cfr. de bijeenkomst ‘De doelen scherper in beeld’).

 

  • Tot slot

Feedback van de collega’s is cruciaal in functie van onze verdere professionalisering in het schoolteam en om te leren uit wat we samen hebben gedaan. Wat betekenen de doelen en acties, de afgelegde leerweg en/of bepaalde hulpbronnen voor onze school? Welke ideeën, waardering en/of kritische feedback hebben onze collega’s? In de bijeenkomst ‘Borging en verankering’ kunnen we daarmee verder aan de slag.

Met de werkvorm ‘schrijfmuur’ kunnen we feedback verzamelen op een oogstmuur, ideeënmuur en/of evaluatiemuur. In de ontwerppresentatie vind je er een aantal richtvragen voor. We kunnen ze aanpassen naargelang wat aan bod kwam en wat we willen belichten.

  • Als we met posters werken, spreiden we die best breed genoeg, zodat er geen wachtrij onstaat en de collega’s hun feedback vlot kunnen nalaten. Om sneller te werken, kunnen we vooraf ook postits uitdelen.
  • Wanneer we vanuit het kernteam of als coach persoonlijk bij de schrijfmuur aanwezig zijn, kunnen we de collega’s waar nodig nog vragen stellen over wat ze noteren. Zo vermijden we ook dat wat we lezen achteraf onbegrijpelijk of onredelijk lijkt. Een persoonlijke uitzwaai en/of bedanking is ook fijn om de collega’s te waarderen voor hun medewerking.

We kunnen ook eindigen met een doordenker of uitsmijter of een andere werkvormen. Daarvoor kunnen we onder meer inspiratie halen uit de slotronde in de eerdere bijeenkomsten van het professionaliseringstraject. 

BEGELEIDING/ONDERSTEUNING/ COACHING

  • De doelen van het uitwisselmoment ‘Samen sterker als team’ vragen een gerichte situering en duiding. Bij de start kan je die als begeleider of coach van het traject aangeven, of aan de directie, (zorg- of graad)coördinator,… vragen om dat te doen. Als je de doelen voorstelt, werkt het verbindend als je concretiseert hoe ze inspelen op de realiteit in de eigen schoolcontext.
  • Inclusieve leeromgevingen creëren vinden veel collega’s een hele uitdaging. Daarbij schatten we allicht in dat we er in de praktijk nog niet helemaal zijn... De neiging ontstaat dan om te kijken naar wat anderen zouden moeten veranderen, bijvoorbeeld vanuit het beleid, de overheid,… Bij het professionaliseren met collega’s is het de kunst om op zoek te gaan naar wat we zelf kunnen veranderen. In coaching begint elke verandering immers bij onszelf. Waar hebben we een impact op? De GRROW-gespreksstructuur geeft een houvast om gericht op zoek te gaan naar wat we willen leren en/of veranderen. Anderen beïnvloeden of overtuigen kan daarbij eventueel ook een doel vormen. We beginnen dus met een kleine stap in onze eigen competentieontwikkeling en geloven erin dat we zo samen een heel eind kunnen geraken. De waarderende benadering vormt daarbij het vertrekpunt: er zit kracht en potentieel in elke leraar, leerling, klas, school, ouder,… Daarbij pakken we verandering in de richting van inclusieve leeromgevingen niet in ons eentje aan. We benutten de verbindend samenwerking met collega’s, leerlingen, ouders en andere partners als een belangrijke hulpbron en hefboom.
  • Leerkrachten vinden ervaringen en kennis delen met hun collega’s in het breder schoolteam vaak spannend. Als coach is het je rol hen te ondersteunen. Dat doe je door hen aan te moedigen, gerust te stellen en te waarderen voor hoe zij hun ervaringen vanuit de eigen praktijk naar voor trachten te brengen. Soms zijn collega’s bezorgd dat het thema inclusie of diversiteit controverse gaat oproepen of dat er polarisering over zou onstaan in het team. Ze vrezen bijvoorbeeld heftige reacties, scherpe uitlatingen over de regelgeving, moeilijke incidenten met leerlingen of ouders die boven water komen,... Het stelt de collega’s vaak gerust als ze weten dat jij als coach tijdens de uitwisseling met het bredere schoolteam mee aanspreekbaar bent voor eventuele lastige vragen of opmerkingen. Dat kan ook voor jou spannend zijn natuurlijk en dat hoort erbij, maar je bent in elk geval met meer om er samen uit te geraken. De leeruitkomsten van de uitwisseling zijn een gedeelde verantwoordelijkheid van alle teamleden, niet van jou als coach of van kernteamleden alleen.
  • Na het uitwisselmoment nog kort samenkomen met je kernteam geeft je de kans om even stoom af te laten en om kleine en grotere successen te delen. Soms ontmoedigt de uitwisseling jou of je collega’s, bijvoorbeeld als teamgenoten minder input gaven dan verwacht, anders reageerden dan gehoopt of kritische feedback gaven. Als coach kan je de collega’s uitnodigen om die kritiek te verwelkomen. Je kan hen ook uitdagen om bepaalde reacties eens vanuit een andere hoek te bekijken. Wat leer je eruit? Welke blik geeft het je op wat er van belang is voor de collega’s, voor het team en voor de school? Zo benut je het uitwisselmoment voluit als een leermoment.

MATERIAAL

  • Beamer, scherm en aansluiting voor geluid
  • Ontwerppresentatie uitwisselmoment (download)
  • Materiaal om hulpbronnen vanuit het traject en/of de eigen leerweg voor te stellen
  • Eventueel groeibundel (download)
  • Posters en/of ander materiaal om feedback en ideeën van collega’s te verzamelen.
  • Materiaal voor een eventuele ijsbreker en/of uitsmijter
Groeibundel Spring-in-‘t-veld: samen groeien naar inclusie

Gelijkaardige materialen:

  • Thema Thema:
  • Duurtijd Duurtijd: 0- 0min
  • Media Media:
  • Thema Thema:
  • Duurtijd Duurtijd: 15- 30min
  • Media Media:
  • Thema Thema:
  • Duurtijd Duurtijd: 160- 180min
  • Media Media:
  • Thema Thema:
  • Duurtijd Duurtijd: 120- 180min
  • Media Media:
  • Thema Thema:
  • Duurtijd Duurtijd: 20- 30min
  • Media Media:
  • Thema Thema:
  • Duurtijd Duurtijd: 0- 0min
  • Media Media: